SOS meertaligheid in mijn klas. Hoe kan ik kinderen en hun ouders ondersteunen?

Onze gastbloggers zijn Lisandre Bergeron-Morin (onderzoeker aan de Universiteit van Gent) en Ily Hollebeke (onderzoeker aan de Vrije Universiteit Brussel).

Dat meertalig opgroeien tal van voordelen heeft voor kinderen wist je misschien al. Maar weet je ook hoe gezinnen een meertalige opvoeding aanpakken en hoe jij hen daarin kan ondersteunen als kleuterleerkracht of kinderbegeleider? 

Elk meertalig kind is uniek

Het zal je waarschijnlijk niet verbazen dat “hét meertalige kind” niet bestaat. Kinderen kunnen namelijk in allerlei contexten meertalig opgroeien. 

Bij Yalda thuis wordt enkel Dari gesproken, dat is de moedertaal van haar Afghaanse ouders. In de kleuterklas komt Yalda in contact met Nederlands, op deze manier groeit zij meertalig op. Andere kinderen groeien met twee of meer thuistalen op. Een van die talen kan het Nederlands zijn, zoals bij Sofia thuis, waar mama Portugees en papa Nederlands spreekt. Maar dat is niet altijd zo. Bij Amour thuis, bijvoorbeeld, spreekt papa Frans en mama Lingala. Net als Yalda, leert Amour Nederlands in de kleuterklas. Boyans ouders spreken allebei Bulgaars. Maar af en toe spreekt papa ook Nederlands met Boyan en zijn zusje, als ze een Nederlands boek lezen of als er vriendjes komen spelen bijvoorbeeld. Sebastian hoort thuis zelfs drie talen; mama spreekt Pools, papa Nederlands en onderling spreken zijn ouders Engels. Elk gezin is anders en daar hou je best rekening mee.

Is er dan geen beste aanpak om kinderen meertalig op te voeden?

Net omdat hét meertalige kind niet bestaat, is er ook niet één beste aanpak. Wat voor gezin A werkt, werkt misschien niet voor gezin B. Dat komt onder andere omdat de mogelijkheden binnen gezinnen verschillen. Denk maar aan de taalvaardigheid van ouders of de aanwezigheid van grootouders die de thuistaal mee kunnen ondersteunen. Niet alle gezinnen staan stil bij de aanpak die zij hanteren. Veel ouders spreken bijvoorbeeld spontaan de taal die zij het best beheersen of waarmee ze zich het meest verbonden voelen. Maar er zijn ook gezinnen die er, op basis van hun wensen, bewust voor kiezen om een bepaalde taal (niet) te spreken met hun kinderen. Bij het maken van deze keuze worden ze soms gestuurd door advies van professionals. Toch bepalen ouders zelf de doelen die ze willen bereiken, dat kan niemand voor hen doen [1]. Sommige ouders vinden het erg belangrijk om hun eigen moedertaal door te geven zodat hun kinderen met de grootouders kunnen communiceren; anderen leggen de klemtoon op de nieuwe taal en hechten nog maar weinig belang aan hun eigen moedertaal. De beste aanpak is dus een aanpak die ouders het beste ondersteunt om hun doelen te bereiken, rekening houdend met de mogelijkheden en evoluties binnen het gezin.

De ouders van peuter Sofia spreken allebei Portugees en Nederlands. Sofia’s mama vindt het belangrijk dat haar dochter Portugees leert om met haar Portugese familieleden te kunnen praten. Portugees is ook de taal die mama zelf het beste spreekt en die voor haar het meest natuurlijk aanvoelt. Papa is echter bang dat het leren van Portugees de Nederlandse taalverwerving in gevaar brengt.

Gelukkig kunnen Sofia’s ouders met hun vragen en bezorgdheden terecht op het consultatiebureau van Opgroeien (het vroegere Kind en Gezin) waar ze onder andere te horen krijgen dat het leren van verschillende talen kinderen helemaal niet hindert in hun taalontwikkeling. Integendeel, vaak versterken de verschillende talen elkaar [2-3]. Het gezin beslist uiteindelijk dat mama Portugees spreekt met Sofia terwijl papa Nederlands spreekt met zijn dochter. Onderling spreken de ouders Nederlands.

Maar gezinnen evolueren en hun aanpak dus ook. Een jaar later gaat Sofia naar de kleuterschool bij juf Ann waar ze vooral Nederlands hoort. Daarom kiezen haar ouders ervoor om thuis vaker Portugees te praten. Mama blijft Portugees spreken, ook als ze met papa praat, en papa mixt Nederlands en Portugees.

Zoals Helena Taelman in dit blogartikel al benadrukte, hangt de uiteindelijke taalvaardigheid van kinderen af van verschillende factoren, waaronder de kwantiteit en kwaliteit van het taalaanbod. Uit onderzoek blijkt dat hoewel veel ouders zich zorgen maken over de Nederlandse taalontwikkeling vooral de thuistalen kwetsbaar zijn. Een van de redenen is dat kinderen, wanneer ze naar de opvang of de kleuterklas gaan, meer in contact komen met het Nederlands dan met hun thuistaal.

Wat kan ik als kinderbegeleider of kleuterleerkracht betekenen voor ouders en kinderen? 

Bron: VBJK

Als begeleider of leerkracht ben je een belangrijke steunfiguur voor meertalige gezinnen [4], zowel voor het verwerven van het Nederlands als voor het ondersteunen van de thuistalen. Hou hierbij in het achterhoofd dat hét meertalige gezin en dé beste meertalige aanpak niet bestaan. Geef dus niet meteen goedbedoeld advies aan ouders, maar neem de tijd om naar hun verhaal te luisteren. Ouders voelen zich soms onzeker over hun aanpak omdat ze een balans moeten vinden tussen hun eigen wensen en wat (ze denken dat) het kinderdagverblijf of de school van hen verwacht. Het is voor ouders al een hele verademing als je interesse toont in de talen en culturen binnen de gezinnen. 

Zelf ben je ook al elke dag bezig met taalondersteuning van kinderen in kleine-bijna-onzichtbare-maar-oh-zo-belangrijke interacties. Tijdens het vieruurtje neem je bijvoorbeeld de tijd om samen met de kinderen te praten over wat ze eten. In deze dagelijkse interacties kan je ook de thuistalen van de kinderen meenemen aan de hand van woorden, boeken of liedjes [5]. Dit artikel over het creëren van een rijke taalomgeving kan je helpen om hier verder over te reflecteren.

Goed nieuws: je staat er als kinderbegeleider of kleuterleerkracht niet alleen voor!

We weten dat kinderbegeleiders en kleuterleerkrachten zich, net als ouders, vaak onzeker voelen als het gaat over taal en meertaligheid. Ook zij ervaren druk van buitenaf, denk maar aan ouders, collega’s, de directie of het talenbeleid van de organisatie waar ze werken. 

Daarom ontwikkelde VBJK in samenwerking met mensen uit het werkveld en partners binnen het Pro-M-project de ‘Reflectiewaaier – Omgaan met meertaligheid’. Deze reflectiewaaier bestaat uit instrumenten om reflectieve en constructieve gesprekken over meertaligheid te faciliteren binnen een team: kenniskaarten, informatieve video’s, links naar teksten met extra informatie, enz. Deze tools kunnen worden ingezet in de begeleiding van kleuterleerkrachten en kinderbegeleiders. Maar als kleuterleerkracht vind je er ook inspiratie om positief om te gaan met meertaligheid in je klas.

Ann, de kleuterjuf van Sofia en Boyan, nam samen met haar collega’s de reflectiewaaier door. Zo leerde ze onder andere dat een sterke thuistaal helpt bij het leren van het Nederlands en het ontwikkelen van kinderen hun identiteit2,3. Nu probeert Ann de thuistalen een plek te geven op school om zo de taalverwerving en het welbevinden van haar kleuters te ondersteunen. Ann heeft aan de ouders gevraagd hoe je enkele woorden in het Portugees en het Bulgaars zegt. Sofia’s mama las ook een prentenboek in het Portugees voor in de klas. In de bibliotheek vond juf Ann hetzelfde boek in het Nederlands en het Bulgaars. Zo kon ze rijke gesprekken aangaan met de kinderen in haar klas en hun ouders. Door haar geïnteresseerde en open houding en haar concrete acties toonde juf Ann niet alleen dat thuistalen welkom zijn in haar klas, maar ook dat deze thuistalen een meerwaarde kunnen bieden.

Ten slotte raden we je ook aan om met je collega’s en de directie te praten over het talenbeleid op je school of in de opvang. Het slotevent van het Pro-M-onderzoek over meertaligheid op 29 september 2022 kan jullie zeker enkele kapstokken geven om verder aan de slag te gaan met meertaligheid. Schrijf je dus snel in: inschrijvingslink! Maak een account aan als Externe en ga zo verder naar de inschrijving.

Verder lezen?

  • Hier kan je de reflectiewaaier met tools voor ondersteuners van kinderbegeleiders en kleuterleerkrachten downloaden.
  • Dit artikel, door Sharon Unsworth, biedt een complete en boeiend blik op meertalige opvoeding en de rol van leerkrachten. Ook op de website van meertaligheid.be vind je een heleboel informatie en links.
  • Wil je nog informatie over meertalige kinderboeken? Dit blogartikel helpt je verder.
  • Naast de reflectiewaaier werden er binnen het Pro-M-project ook een leermodule en instrumenten voor medewerkers van consultatiebureaus en voor bibliotheekmedewerkers ontwikkeld.
  • Net als Pro-M ontwikkelde het project Planting Languages verschillende materialen voor professionals om met ouders te praten over meertaligheid.

Wetenschappelijke bronnen

[1] King, K. A., & Fogle, L. (2006). Bilingual Parenting as Good Parenting: Parents’ Perspectives on Family Language Policy for Additive Bilingualism. International Journal of Bilingual Education and Bilingualism, 9(6), 695-712. 

[2] Cummins, J. (1979). Linguistic interdependence and the educational development of bilingual children. Review of Educational Research, 49(2), 222-251.

[3] Proctor, C. P., August, D., Carlo, M. S., & Snow, C. (2006). The intriguing role of Spanish language vocabulary knowledge in predicting English reading comprehension. Journal of Educational Psychology, 98(1), 159-169.

[4] Slot, P., Halba, B., & Romijn, B. (2017). The role of professionals in promoting diversity and inclusiveness. ISOTIS Project. European Union. 

 [5] Kirsch, C., & Duarte, J. (2021). Multilingual Approaches for Teaching and Learning. From Acknowledging to Capitalising on Multilingualism in European Mainstream Education. Routledge.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.