Kleuters aan de slag met (prenten)boeken en andere leesmaterialen van A tot Z, deel 2 – van Encyclopedieën tot Kunstkijkboeken

De jeugdboekenmaand nadert met rasse schreden … en daarom geven we je in deze blog graag enkele tips om, nog intenser dan je al van plan was, doeltreffend aan de slag te gaan met (prenten)boeken en andere leesmaterialen in je kleuterklas.

In een eerste deel (29 januari 2021) trachtten we je te inspireren om agenda’s, atlassen, catalogi en fabels in te zetten in de kleuterklas; en gaven we enkele tips rond hoe je functioneel en succesvol kan werken rond poëzie met kleuters. We graaiden andermaal op alfabetische wijze in onze grabbelton der leesmaterialen; en geven hieronder voorbeelden van hoe je kleuters warm kan maken voor encyclopedieën, fotoboeken, handleidingen, informatieve boeken en kunstkijkboeken.

Veel lees(materiaal)plezier!

In een vorig blogbericht kreeg je reeds een handige tip om een encyclopedie in te zetten in de kleuterklas. Om te weten te komen hoe je o.a. taal en beeld via een encyclopedie kan integreren: lees de tip Ontwerp je eigen … in (Met) boeken wérken in de kleuterklas! (Verbruggen e.a., 2019).

In de encyclopedie Over de dinosaurus en andere prehistorische dieren (Palmer, 2015) kan je stickertjes kleven bij bepaalde woorden (bv. vogel, reptiel, stekelhaai, prosauropoden …). De kleuters mogen deze woorden ingeven op tablet of pc in een zoekmachine … spannend, wat zou er verschijnen? Kunnen de kinderen de afbeeldingen uit het boek ook terugvinden op het wereldwijde web?

(doelen) Met deze activiteit werk je o.a. aan de mediakundige ontwikkeling van de kleuters – hun mediageletterdheid wordt aangescherpt; hun mediavaardigheid wordt geoefend (ICT-basisvaardigheden voor het bedienen van mediamiddelen). Ook de zintuiglijke ontwikkeling komt aan bod – zowel in de encyclopedie zelf als ‘op het scherm’ moeten de kleuters gericht waarnemen (kijken), en deze waarnemingen met elkaar vergelijken. Op die manier kunnen ze ook hun visuele waarneming en beeldend geheugen versterken en vergroten (en dat zijn muzische vaardigheden). Om de bladzijden van het boek om te slaan, woorden in te tikken op een toetsenbord (en daarbij weer goed te kijken!) zetten de kleuters ook kleinmotorische competenties in. Ook op taal wordt voluit ingezet – tijdens het lezen (in het boek én op het scherm) moeten de kleuters de schriftelijke boodschappen verwerken (informatie herkennen, selecteren en verbinden); en wellicht beseffen ze hierdoor meer en meer dat boodschappen visueel kunnen worden bewaard en daardoor opnieuw kunnen worden opgeroepen (taalbeschouwing!).

Er bestaan erg veel, erg uiteenlopende en heel prachtige fotoboeken die geschikt zijn voor gebruik in de kleuterklas (op erg veel, erg uiteenlopende, heel doeltreffende manieren). We geven hier een voorbeeld van hoe je sociale fotografie kan aanwenden in de kleuterklas.

In Where Children Sleep presenteert James Mollison grootformaatfoto’s van kinderkamers over de hele wereld, telkens naast een (kleinere) portretfoto van het kind wiens slaapkamer wordt geportretteerd. Elk paar foto’s gaat gepaard met een uitgebreid bijschrift dat het verhaal van het kind in kwestie vertelt.

Dit boek is een uitstekend vertrekpunt om interculturele gesprekken te voeren met de kinderen van je klas.

Neem er in de kring een groot vel papier en een stift bij, en laat de kleuters vertellen over hun slaapplek. Wat is er allemaal te vinden in hun slaapvertrek? Slapen ze alleen of delen ze een kamer? Hoe ziet hun bed eruit? Terwijl de kleuters vertellen, teken je met eenvoudige lijnen wat er allemaal aan bod komt. Alle objecten en beschrijvingen komen in één getekende kamer terecht. Het resultaat is een grote visualisatie van kleutervertellingen (visible thinking).

Vervolgens leid je de kleuters naar vier tafels waarop telkens een pagina uit het boek (gekopieerd) ligt. Ze krijgen allemaal hun symbooltje en mogen, na de vier slaapplekken goed te hebben bestudeerd, hun symbooltje leggen bij hun ‘droomslaapkamer’.

Als alle kleuters hebben gekozen, kan je aan de hand van hun symbooltjes interculturele gesprekken voeren: “Matthieu en Zeyneb hebben beiden gekozen voor een bed in open lucht, zoals het jongetje uit Italië. Hebben jullie al eens buiten geslapen? Waar/wanneer … Wat was er leuk/minder leuk aan dat slapen in de buitenlucht? … Wat zou de jongen zelf van zijn slaapplek vinden? … Waarom? … Zou hij dat ook, zoals jij, spannend vinden? …” Deze activiteit zet je nog enkele dagen verder, met telkens een andere startvraag: van “Welke slaapplek is jouw droomslaapkamer?” naar “In welk slaapvertrek zou je ’t beste slapen?” en “Waar zou je niet willen slapen?”

Aan het einde van deze gesprekken introduceer je het boek in de kring, en je bekijkt samen met de kinderen nog enkele andere beelden. De kleuters kunnen vanaf dan in de boekenhoek rustig verder grasduinen in het boek, er onderling gesprekjes over voeren, eens aan de andere kleuters in de grote kring tonen welk slaapvertrek/kind deze keer hun aandacht trok en waarom …

(doelen) Via deze activiteit werk je aan de socio-emotionele ontwikkeling van de kleuters – ze beseffen dat sommige mensen een andere levenswijze hebben dan zijzelf wanneer ze geconfronteerd worden met de ‘slaapkamerbeelden’ uit andere culturen; en zo kunnen de kinderen het mooie en waardevolle van diversiteit ontdekken. Hun oriëntatie op de wereld ontplooit zich ook verder – de kleuters ondervinden hoe mensen cultureel verscheiden zijn en daardoor ook van elkaar verschillen in hoe ze leven (in dit voorbeeld: slapen). Je zet met deze activiteit ook in op hun mondelinge taalvaardigheid – door de kleuters uit te dagen actief deel te nemen aan de gesprekken; door zelf hun mening te verwoorden, te luisteren naar de anderen, met vragen of met commentaar te reageren …

We pleiten voor boeken in alle hoeken van de kleuterklas en -school, en we zien ook graag boeken in het bos. Daar leent een handboek als Het bosboek – ontdek wat je allemaal kunt doen met een tak (Schofield e.a., 2012) zich uitstekend toe!

Pol en Otis, derde kleuterklas (2020)

Je kan de kinderen op voorhand in de klas laten kiezen wat ze graag zouden maken uit dit boek; zo heb je ineens een zicht op welke materialen jullie best nog verzamelen om mee te nemen op de bosexcursie. Het boek zelf gaat uiteraard ook mee het bos in!

(doelen) Door een uitstap naar het natuurschoon op deze manier in te vullen, werk je taalbeschouwend met de kleuters – ze beseffen in het bos dat de leerkracht in het boek leest welke stappen ze zullen moeten ondernemen om tot pijlen en boog te komen. Je appelleert ook aan hun luistervaardigheid – ze luisteren best goed naar wat er in het boek te lezen valt; en aan hun spreekvaardigheid – als je de kleuters laat uitleggen hoe ze (na het voorlezen van de leerkracht) van plan zijn te werk te gaan of (als pijlen en boog vervaardigd zijn) hoe ze te werk zijn gegaan. Ook hun zelfregulerend vermogen wordt geprikkeld – in de klas exploreren en bespreken de kleuters de keuzemogelijkheden én maken al een (gezamenlijke, in groepjes) keuze uit het aanbod van Het bosboek; elk groepje dient zich aan z’n keuze te houden in het bos en rekening te houden met afspraken en regels; de activiteit in het bos zelf uitvoeren zoals bedoeld; het ook wel even volhouden want een boog en pijlen maak je niet op tien minuten tijd …

De muzische grondhouding van de kleuters wordt gevoed – als ze op zoek gaan naar een creatieve, fantasievolle vormgeving van hun pijlen en boog; en daarbij genieten van hun eigen creativiteit. Ook hun materiaalgevoeligheid wordt aangesproken – door bv. in de klas eerst met plastic pijl en boog te spelen, en in het bos met hout en touw te werken. En laten we de ontwikkeling van de wereldoriëntatie niet vergeten: je zet via deze activiteit in op techniek – de kleuters ervaren op welke wijze onderdelen aan elkaar kunnen verbonden of gehecht worden (takken, touw); en kunnen vaststellen hoe eenzelfde technisch proces op verschillende manieren (ambachtelijk, geautomatiseerd, bandwerk, maatwerk …) kan doorlopen worden (in de klas liggen pijlen en bogen van plastic, we kunnen deze ook met takken en touw en met behulp van een mesje maken).

Om kort te gaan, Het grote bosboek lokt perfecte STEAM-activiteiten uit!

Fausto (11 jaar) en Otis (6 jaar) (2021)

 “Het moet niet altijd een verhaaltje zijn. Informatieve prentenboeken bieden uitdagende taalkansen, leesplezier en verdieping.” (Taelman, 2016) 

Voor tips omtrent het gebruik van informatieve prentenboeken in de kleuterklas …

… verwijzen we je graag door naar het blogbericht Hoe gebruik je informatieve prentenboeken in de klas? (Taelman, 2016) op de Kleutergewijs-blog; en het artikel Hoe werken met non-fictie in de klas? (Van Dingenen, 2018) op de website van Iedereen Leest, waar je ook de handleiding Werken met non-fictie tijdens de les kan downloaden.

… mochten we getuige zijn van een mooi praktijkvoorbeeld. Kleuters vinden het geweldig om uit informatieve boeken voorgelezen te worden, ook in de grote kring. Dat bewijst juf Dina door – na enkele dagen intensief te werken rond ‘de ruimte’ – de kleuters te onthalen met Het pop-up-ruimteboek (Lloyd & Jenner, 2016). Fascinerend hoe betrokken de kleuters zijn, hoeveel interactie er ontstaat, hoeveel de kinderen op die korte tijd al opgestoken hebben over het heelal – en dat nu kunnen verifiëren aan de hand van dit informatieve prentenboek.

Juf Dina leest voor uit een informatief prentenboek (derde kleuterklas, 2019)

Ook voor kunstkijkboeken geldt dat er een enorm uitgebreid en gevarieerd assortiment in alle vormen en kleuren en maten bestaat – en dat deze leesmaterialen zich uitstekend lenen tot gebruik in de kleuterklas.

We geven tips over hoe je rond Het kleine museum (Le Saux & Solotareff, 2006) in velerlei ontwikkelingsdomeinen kan werken met kleuters.

Ten eerste mogen de kleuters gedurende enkele dagen vrij in het boek bladeren.  Je geeft als geheimzinnige bladertip mee of er hen iets speciaals opvalt aan de woorden in het boek.  De kleuters die het vinden, mogen het in het oor van juf/meester komen fluisteren, maar niet verklappen aan de rest. Op een gezamenlijk moment wordt het grote geheim aan de hele klas geopenbaard.  En dat geheim is dat er telkens enkele woordjes staan die met dezelfde letter beginnen (het boek is alfabetisch opgebouwd).

Je bekijkt met de kleuters even de afbeeldingen met bijhorende woorden die beginnen met de klank /h/ en de letter h.  De kleuters mogen in groepjes hun lievelingsbeeld dat begint met deze letter kiezen (haan, haardos, haas, haasje-over, hand, helm, herten, hoed, hond, houthakkers, huis). De kinderen in dit voorbeeld (zijn de kleutertijd respectievelijk net en al wat langer ontgroeid, en) kiezen voor hoed, een detail uit De intrige (1890) van James Ensor.

Dan mogen de kleuters in hun groepje een zo waarheidsgetrouw mogelijke kopie maken van dit beeld: ze bootsen het kunstwerk van hun keuze na door middel van een tableau vivant – ze gaan dus van een reproductie uit een boek naar de werkelijkheid. De kinderen in ons voorbeeld zullen het detail (hoed) uit De intrige naar een mastercopy vertalen.

Om deze meesterkopie te kunnen maken, dienen eerst materialen verzameld te worden. De kinderen kijken nog eens zeer gefocust naar het beeld dat zij zullen reproduceren; om te bepalen welke materialen ze nodig hebben: een mens, een hoed … en ze menen ook een vis te ontwaren op dit beeld. Op zoek dus naar hoeden en vissen in de klas en op school!

Eens uit de verzamelde materialen geselecteerd werd welke hoed en welke vis het zullen worden, worden de rollen verdeeld: wie zal de mens zijn met de hoed, wie manipuleert de vis, wie fotografeert?

Ziezo. Fabuleus!

Samen gaan jullie op zoek naar het oorspronkelijke werk waaruit dit detail komt. Op het wereldwijde web valt dit uiteraard te bezichtigen; interessanter is om in dit geval (de hoed uit De intrige) met de kleuters naar het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten in Antwerpen te trekken, om het daar ‘live’ te gaan bewonderen … Neem gerust de tableaus vivants van de kleuters mee. En … zoek de vis!

De intrige (James Ensor, 1890)

In het museum zelf en ook terug in de klas, kunnen jullie nog diepgaand vergelijken, reflecteren, de gemaakte tableaus eventueel bijschaven en … een dergelijke, rijke activiteit met zo’n prachtig resultaat schreeuwt om een tentoonstelling (al dan niet digitaal) voor de andere klassen en de (groot)ouders, toch?

Vanuit al deze belevenissen, kunnen jij en de kleuters naadloos doorbreien:

  • Gaan jullie verder met hoeden, met maskers, met tableaus vivants, met meesterkopieën …?
  • Of willen de kleuters zich verdiepen in Ensor – ga zijn werk dan zeker bezichtigen in het James Ensorhuis in Oostende (De intrige is daar niet te bekijken, maar uiteraard wel een weldadige hoop aan andere werken van Ensor).
  • Gaan jullie verder aan de slag met Het kleine museum? Zorg dan voor enkele anderstalige exemplaren en laat de kleuters eens zoeken in de Frans-, Duits- of Spaanstalige versie: staat er daar ook een hoed bij de h?

(doelen) Via deze activiteit werk je in de eerste plaats aan kunstbeschouwing en kunstbeleving enerzijds, en dramatische expressie anderzijds. Wat een cadeau voor de kinderen om met deze prachtige kunst in aanraking te komen én er hun eigen beleving aan toe te voegen. Meteen vergroot en verbreed je ook de (muzische) wereldkennis en leefwereld van de kleuters. Welke vijfjarige kan zeggen dat hij de kunst van Ensor heeft ontdekt?

Qua muzische vorming van de kleuters is deze activiteit ook echt een schot in de roos. De kleuter geniet van het oorspronkelijke kunstwerk, de eigen kunstcreatie en die van andere groepen. Het bestuderen van het kunstwerk en het maken van de mastercopy is ook een bijzonder goede oefening voor het visueel vermogen: de kleuters moeten details zien, herkennen, onthouden, nabootsen, analyseren, samenvoegen: visuele discriminatie, visueel geheugen, visuele analyse en synthese komen aan bod. De kleuters ontwikkelen materiaalgevoeligheid bij het zoeken naar materialen om het kunstwerk na te bootsen; ontdekken en exploreren met kleur, lijn, vlak, ritme, vorm; én wenden verschillende beeldende middelen aan om samen tot een beeldend werk te komen.

In de groepsactiviteit oefenen de kleuters bovendien de kunst van het productief samenwerken: op elkaar afstemmen, keuzes maken (wie doet wat), je neerleggen bij de beslissing van de groep maar toch ook assertief opkomen voor je eigen mening, enzovoort. Het samenwerken is ook een mooie manier om de kleuters spreekkansen en luisterkansen te geven: ze delen ideeën, luisteren naar elkaar, geven hun mening, geven commentaar op ideeën van anderen … 

Het maken van een tableau vivant zorgt niet alleen voor veel taal, maar is ook een goede oefening op ruimtelijke oriëntatie en de bijhorende wiskundige taal (naast, achter …).

En moet het nog gezegd dat ook de fantasie van de kleuters wordt gestimuleerd, wanneer zij het kunstwerk op meesterlijke wijze nabootsen?  En dan hebben we het nog niet over een mogelijk museumbezoek gehad!

The making of (Billie en Otis, 2021)

Ga je aan de slag met één of meerdere van de bovenstaande tips? Aarzel niet om daar een (foto)verslagje van te maken, en door te sturen naar De Boekenhouder … Wie weet krijgen jouw kleuters, kleuterklas of -school wel een mooi plekje op https://boekenhouder.be/ !

Op diezelfde website vind je een kraakvers observatieschema om het leesaanbod in jouw kleuterklas (en -school) onder de loep te nemen. Een rijk en gevarieerd leesaanbod is één van de pijlers van een krachtige leesomgeving, en motiveert kleuters om daadwerkelijk naar (prenten)boeken en andere leesmaterialen te grijpen; én ermee aan de slag te gaan. Met het observatieschema dat je op De Boekenhouder-website kan downloaden, willen we je helpen om ten eerste een ‘algemeen’ zicht op je leesaanbod te krijgen. Vervolgens bieden we enkele verdiepende criteria waaraan je datzelfde leesaanbod kan toetsen; om tot slot na te gaan of en op welke manier jij je leesnetwerk betrekt en inzet bij het samenstellen van een rijk en gevarieerd leesaanbod. Zie: https://boekenhouder.be/laat-je-inspireren/test-jezelf

Dit blogbericht werd opgesteld door Jaantje Verbruggen en Ruth Van Wichelen in het kader van Boeken troef!, een Lezen op School-project gefinancierd door de Vlaamse overheid.

Een gedachte over “Kleuters aan de slag met (prenten)boeken en andere leesmaterialen van A tot Z, deel 2 – van Encyclopedieën tot Kunstkijkboeken

  1. Fijn wakker worden met zulke leuke ideeën! Ik zie het taaldenkgesprek over slaapplekken al zo voor mij! En met het ruimte-pop-up boek hadden we ook al positieve ervaringen. Bewijst maar weer eens dat we het niet altijd heel nabij moeten zoeken om de kleuters te boeien, maar dat ze heel erg graag het onbekende verkennen.

    Geliked door 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.