Werkblaadjes: meerwaarde of vergane glorie?

Ze zijn alomtegenwoordig op het internet: ‘Volg de juiste weg”, “hoeveel woorddeeltjes?”, “Maak het aantal in beide groepen gelijk” en ga zo maar door. Makkelijk: Aanklikken, afdrukken, kopiëren, en sommige kleuters zijn er dol op.

Tot ik het artikel van Hans Freudenthal las waarin hij het gezegde “appelen en peren vergelijken” over een wiskundige boeg gooit. Hij geeft aan dat het gelijkheidsteken meer betekent dan de som der delen. Als er als opgave “8 + 4 =” staat, dan verwachten we daar het antwoord 12. En niet 10+2 of √144. Hij plaatst abstracte begrippen ook in zijn context. 8 appelen plus 4 peren zijn samen 12 vruchten. Maar omgekeerd klopt het niet want 8 appelen min 4 peren is niet mogelijk. Het deed me nadenken over hoe ver we het abstracte mogen verengen en wat dan de meerwaarde van sommige werkblaadjes is?

 

We verwachten maar 1 correct antwoord.

Creatief denken wordt bij bepaalde werkbladen niet gestimuleerd. Meer nog, volgens Freudenthal, beknopt een werkblad zich tot louter oefenen maar leert het kinderen niets. Om de rij aan te vullen tot 5 dienen kinderen al over getalbegrip te beschikken en hebben ze bij het invullen dus niets bijgeleerd. Behalve dat ze iets kunnen. Je zou een werkblad dus kunnen aanbieden ter controle of observatie maar zelfs dan zou het evengoed een toevalstreffer kunnen zijn en leerde het kind vooral goed gokken als ze bijvoorbeeld figuren moeten aanduiden die beginnen met de letter ‘p’.

 

Werken op het platte vlak.

Kleuters handelen vaak met concreet materiaal. Kijken we wat verder in de schoolloopbaan dan merken we dat het concreet materiaal plaats moet ruimen voor het werken op papier. De overgang van 3D naar 2D is dus makkelijk te oefenen via werkbladen. Kinderen leren op een gegeven moment onze gehanteerde bladrichting nl van boven naar beneden en van links naar rechts. Deze werkhouding hoeft niet persé via een werkblad. Gewoon tekenen of zelf iets opschrijven zodat kleuters het zien, geeft alvast een aanzet.

Toch merk ik een grote aantrekkingskracht van kleuters naar werkbladen. Omdat ze dan net als broer of zus “studeren” of als mama en papa “werken”. Het goed kunnen hanteren van een pen fascineert hen.

Werkbladen 2.0.

Om tegemoet te komen aan de voordelen van de traditionele werkbladen maar de nadelen zoveel mogelijk te beperken zijn er andere opties.

Enkele voorbeelden:

 

Mijn collega Ruth en ik gebruiken al een aantal jaar een opdrachten-teken-boek. Het laat de kinderen toe in 2D te werken, het laat hen ook toe creatief te denken en redeneren, het oefent in de juiste pengrepen onderzoeken, kleuters zijn er nog steeds dol op en het is makkelijk gekopieerd en aangepast aan een thema. Nadien vraag ik telkens aan de kleuters hoe ze aan het werk gegaan zijn maar ondertussen koop ik appelen en peren in de winkelhoek en leer ik kleuters wat aantallen zijn en hoe we dit via een getal kunnen duidelijk maken.

 

Bronnen:

Freudenthal, H. (1984). Appels en peren/wiskunde en psychologie. Van Walraven, Appeldoorn.

https://dekatholiekeschoolgids.be/2010/maart-2010/81-kritisch-omgaan-met-speelwerkbladen

 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.