Gwen, het verhaal van een startende leraar

Laatst zag ik Gwen terug, een oud-studente die mij er ongewild toe aanzette om me met het lot van de startende leraren bezig te gaan houden. Gwen was en is een schuilnaam. Maar heel wat Vlaamse starters herkennen zich in het kernverhaal van een nodeloos moeilijke start.

De flexi-start

Gwen was het type student waarvan lerarenopleiders stilletjes hopen dat hun (klein)kinderen erbij in de klas zouden zitten: een topper, iemand die het allemaal ziet, het in de praktijk kan brengen en het hart op de juiste plaats heeft.

Ze had er enorm veel zin in om haar kinderdroom waar te maken: Juf Gwen worden in haar eigen klas. Van haar eigen kinderen, niet die van de mentor.

Die droom mocht ze snel opbergen. Ze kreeg “de overschot”. In haar geval betekende dat maandag en dinsdag in het zesde leerjaar (groep 8); woensdag en donderdag zorg bij de kleuters en vrijdag het vierde leerjaar (groep 6),… als alles liep zoals gepland. Zo slecht had ze het niet getroffen, onmiddellijk een fulltime voor een heel jaar in een schooltje op fietsafstand. Anderen moesten tijdens de speeltijden van hot naar her crossen met de wagen of mochten al blij zijn als ze ergens een interim van een paar maanden kregen. 

Op het einde van dat eerste schooljaar kreeg ze elders een interessante aanbieding. Ze zou van drie naar twee deelopdrachten gaan en de directie gaf aan dat ze de hoop mocht koesteren gauw werkzekerheid te hebben. Half september vroeg ze zich al af waar ze aan begonnen was. Ze moest er te pas en te onpas een parallelklas bijnemen en de kinderen wisten vaak net zo min als zij bij wie ze de volgende ochtend in de klas zouden belanden. Gwen vond wat rust en voldoening in haar tweede opdracht als zorgcoördinator in een wijkafdeling, voor zover ze geen zieke collega’s moest vervangen.          

Maar ja, je moet flexibel zijn. Alle collega’s moesten door die fase.

Wees blij, er zijn scholen waar de nieuwelingen dubbele toezichten draaien op de speelplaats.

Misplaatste peptalk kon haar niet opbeuren.

Derde keer, niet de goede keer

Toen loze beloften harde leugens bleken te verhullen, trok Gwen verder naar een andere school voor een deeltijdse opdracht. Ze zou er rechten opbouwen en er ooit wel haar eigen klasje krijgen. Haar loopbaan was niet voorspoedig gestart, maar ze berustte in haar lot.
En toch. Er werd een warrige constructie van uren en taken opgezet die haar de duopartner van twee collega’s maakte en die bovenal de puzzel in het derde en vierde leerjaar (groep 5 en 6) moest doen kloppen.

Zoveel geluk ze met de ene collega had, zoveel pech had ze met de andere. Met de eerste, een man van middelbare leeftijd, klikte het meteen. Ze werkten prima samen en Gwen had voor het eerst een coach. De directeur wist het niet, laat staan dat ze het Rudy zou gevraagd hebben of er erkentelijk om was. Gwen had plots iemand die haar dingen leerde en ervan genoot zijn kennis en kunde over te dragen en te luisteren, mee te zoeken. Jammer genoeg had de medaille een keerzijde. Met Ilse, haar andere duopartner, belandde ze in de omgekeerde wereld. Ilse had meer dan vijftien jaar onderwijservaring op de teller maar was totaal afhankelijk van Gwens planningen, voorbereidingen en toetsen. En als Gwen geen kopieën klaarlegde waren de kinderen de pineut. Het was een publiek geheim dat Ilse niet functioneerde en zeker niet op maandag, maar men kon er mee leven. Alleen Gwen kon dat niet en ze maakte haar beklag. De directie begreep haar, zei ze. Maar Gwen wist beter. Zij loste een probleem van de directie op, een waar geen enkele ancien mee belast kon worden: het probleem Ilse indijken.

Structureel veranderde er de schooljaren daarna niets. Gwen wist dat ze de loodgieter was en dat ze de lastigste lekken moest dichten. Ilse bijstaan bleef de zekerheid in haar leven, de andere gaten die ze zou vullen kende ze nooit van tevoren. Ze deed de zorg wanneer het paste en moest de zorg laten vallen als het niet paste. De mooie woorden van de beleidsteksten klonken elke dag een beetje holler. Haar hart bloedde want er waren noden.

Vijf jaar bezig en haar illusies kwijt. De druppel die de emmer deed overlopen was een SMS van de directeur op de laatste zondagavond van de kerstvakantie. Ze meldde dat de zieke collega die wonderbaarlijk genezen bleek op het Kerstfeest de vrijdag voor de vakantie weer hervallen was en of Gwen toch weer meer uren wou opnemen. Gwen deed het schooljaar uit op karakter. De kinderen en de ouders rekenden op haar.

Ertussenuit

Gwen nam een jaar verlof zonder wedde om voor zichzelf alles op een rijtje te zetten. Nu, vijf jaar later vertelt ze over haar twijfel van toen. “Misschien was het echt niets voor mij”, dacht ze toen ze een kantoorjob aannam.

Ik heb haar dat jaar gezien en weet nog dat ik haar toen gezegd heb dat ik het als persoon zou begrijpen dat ze niet zou terugkeren naar het onderwijs, maar dat ik het als onderwijsprofessional ontzettend jammer zou vinden. Mensen zoals haar hadden en hebben we broodnodig.

Ze brengt dat niet spontaan in herinnering. Wat ze wel zegt, is dat de confrontatie met iets anders haar duidelijk maakte wat ze miste. Ze besefte dat ze ondanks alle frustratie toch ook veel voldoening had gevonden in het onderwijs. In haar andere job vroeg ze zich op het einde van de dag af wat ze bereikt had en of ze iemand ergens een stap mee vooruit had geholpen. Ze was constant bezig, maar deed in haar ogen niets wezenlijks. Weg uit het onderwijs werd duidelijk dat ze toch voor het juiste beroep gekozen had, dat ze echt een lerares wilde zijn.

Terug via de kleine poort

Gwen kwam na een schooljaar terug en belandde in een kleine wijkafdeling van de school die haar had doen besluiten een tijdelijke zijstap te maken. Onmiddellijk werd haar duidelijk dat er een betere sfeer hing tussen de leerkrachten en de leerlingen en dat de geest van de directie veraf was. Een kleinere habitat ligt haar ook beter, erkent ze zelf. Voor het eerst kreeg Gwen een eigen klas. Ook nu moest er een gat gevuld worden, dat van een collega die op pensioen ging. Maar de directie had haar signaal eindelijk begrepen. Hoe goed Gwen de school telkens weer ook kan depanneren, ze wil iets anders. Ze wil meer.

Rozengeur met doornen

Gwen ergert zich nog steeds blauw aan de zielige zorg op school, een zorg die meer virtueel op de website leeft dan in de praktijk. Alleen is er nu een andere welwillende zorgcoördinator die met te korte riemen moet roeien waardoor ze kinderen die het echt nodig hebben te laat en te weinig systematisch opvolgt. Gwen en haar collega’s die maximaal differentiëren, zelfs over leerjaren heen, kunnen dit onmogelijk compenseren. Het gevoel kinderen tekort te doen snijdt nog altijd bij Gwen. Ze ziet de noden van de kinderen en leest er rechten in. Die rechten lenigen blijft duidelijk deel van haar professionele droom, het is deel van wie ze wil zijn als leerkracht, wat haar naar dit beroep geroepen heeft en wat haar teruggeroepen heeft.  

Maar er is nog een belangrijk verschil met de situatie voor haar stap opzij. Gwen heeft leren leven met het zinnetje “we gaan dat wel bekijken”, waarmee haar directie belangrijke kwesties parkeert. Dat ze dat kan, is ongetwijfeld ook een gevolg van het feit dat het nu haar enige frustratie is. Daarvoor frustreerden zowel het beleid van de school als haar persoonlijke professionele situatie haar, nu alleen dat eerste. 

Ik geloof dat ze het een beetje gênant vindt om te bekennen dat ze heeft leren leven met iets dat ze onrechtvaardig vindt. Maar in haar vermeende zwakte toont Gwen me een wijsheid die ze deelt met Franciscus en de AA. “Geef me de moed om te veranderen wat ik kan veranderen. Geef me de wijsheid om te accepteren wat ik niet kan veranderen. Geef me het inzicht om het verschil tussen beide te zien.”

Ik herken het probleem, zoals we dat wellicht allemaal doen. Ook ik leg me wel eens neer bij zaken die fout zijn. We mogen het alleen niet te snel doen. We moeten het vuur sluiks brandend houden als een waakvlammetje en wachten tot zich een nieuwe kans aandient om op te staan en recht te trekken wat al te lang scheef groeide. 

Woensdag meer. Een positieve boodschap over starten in het kleuteronderwijs… op het Feest van de arbeid.

Noot: Vijf jaar geleden openden we de studiedag ‘Goed begonnen, half gewonnen’ met de eerste zwarte pagina’s van Gwens professioneel verhaal.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.