Rollenspel: Het summum van spel in onze kleuterklassen?

Ik ben Delano en ik ben 4 jaar. Ik houd van Cars, superhelden en mezelf verkleden. Daar kan ik echt van genieten!

Na het onthaal, mogen we kiezen waar we gaan spelen. De juf vraagt wie er in de Sinthoek wilt spelen. Vliegensvlug sta ik recht en steek ik mijn vinger in de lucht. Dit wil ik heel erg graag doen! Dan kan ik mij verkleden als Sinterklaas en net zoals hem zijn. Als ik in de Sinthoek ben, neem ik dadelijk de kleren die ik wil. Ik heb alles in mijn handen. En nu? Hoe moet ik alles aandoen? Hulpeloos kijk ik naar juf Aline, misschien kan zij me helpen. Zij zegt dat ik eerst alles moet neerleggen. Dit doe ik, maar wat moet ik dan doen? Nu heb ik de Sintkleren toch nog niet aan? Ik vraag of de juf me kan helpen. Zij zegt dat ik het eerst zelf moet proberen en als het dan niet lukt, ze wel zal helpen. Ik neem snel de mantel van Sinterklaas en doe die rond mij. Snel-snel doe ik alsof ik de knoop probeer toe te doen. Ik wil gewoon zo snel mogelijk de kleren van de Sint aandoen. De juf moet me helpen…

Eenmaal ik mijn kleren aan heb, wil ik beginnen spelen. Ik loop wat rond en kijk wat de anderen aan het spelen zijn. Oooh Jasper is pakjes aan het verstoppen, dat wil ik ook wel doen. Ik neem een paar pakjes en verstop ze in de schoorsteen. Hierbij zeg ik niets tegen Jasper. Ik wil wel samen pakjes verstoppen, maar ik weet niet goed hoe ik dat moet zeggen of vragen. Dus doe ik het wel alleen. Na een paar pakjes in de schoorsteen te hebben gestoken, vind ik het niet meer zo leuk. Juf Aline vraagt wat ik wil spelen. Wat wil ik eigenlijk spelen? Ik weet eigenlijk niet wat Sinterklaas allemaal doet. De juf vraagt of ik al in het boek van Sinterklaas gekeken heb…

Wat is eigenlijk kwalitatief rollenspel?

Rollenspel lijkt vaak de meest uitgesproken vorm van spel, waarbij geldt dat je vooral niet teveel tussen moet komen, niet mag ‘verstoren’ en niet teveel extra doelen bij mag vooropstellen… want dat stoort het ‘vrij spel’. Maar wat als het spel toch niet echt op gang komt en, ook al hebben ze er zelf voor gekozen, het vooral lijkt op maar-wat-rommelen? Wat met kleuters met een lage zelfsturing? Wat is dan jouw rol? We merken dat leerkrachten en studenten met veel vragen en onzekerheden zitten met betrekking tot (de begeleiding van) rollenspel in de klas.

Twee Amerikaanse onderzoekers, Leong en Bodrova (2012), verkenden in hun onderzoek het belang van rollenspel voor de ontwikkeling van kleuters, en in het bijzonder de ontwikkeling van de zelfsturing van kleuters. Ze benadrukten hierbij dat vooral kwalitatief rollenspel bijdraagt tot het bevorderen van zelfsturingsvaardigheden. Heel concreet onderscheiden ze verschillende fasen in rollenspel, die in elkaar kunnen (maar niet noodzakelijk hoeven) opvolgen.

  • Ze starten vanuit fase 1: een eerder manipulatief spel, waarin de aandacht vooral gaat naar het verkennen van materialen.
  • Dit kan doorgroeien naar fase 2, nl. eenvoudige symbolische handelingen: al handelend koppelen de kleuters betekenis aan hun acties (bijv. roeren in een kookpot, op en af rijden met een auto…). Het zijn nog korte, eerder eenvoudige scripts, waar nog weinig verder plan achter zit. Benoemen waar je mee wil spelen en wat je wil spelen, lukt hierin steeds beter.
  • In fase 3, rolgericht spel, krijgt de rol steeds meer invulling en betekenis. Het materiaal wordt gerichter gekozen, bepaalde regels gaan gelden (bijv. wie papa/mama speelt mag in de kookpotten roeren). Vertrouwde scripts worden hier helemaal uitgespeeld !
  • Om door te groeien naar fase 4, scriptgericht spel, staat de dialoog centraal: rollen staan steeds meer in relatie tot elkaar, er wordt taal gebruikt, kleuters stemmen met elkaar af, ideeën borduren op elkaar voort… Er worden plannen gesmeden!
  • In fase 5, plangericht vol ontwikkeld rollenspel, groeit vooral de complexiteit en dit over langere periodes. De voorbereiding van het spel neemt een steeds grotere rol en zowel fantasie-elementen als verhalen uit de ‘echte wereld’ kunnen inspireren voor het verdere verloop. Kleuters gaan bijvoorbeeld een trouwfeest naspelen en maken uitnodigingen, menukaarten, afspraken met de pastoor of de burgemeester… en er is natuurlijk ook een kapper om de haren mooi te maken!

Zelfsturing: de motor in kwalitatief rollenspel

Dat zelfsturing een belangrijk aspect is in dit model, wordt extra duidelijk als we de vier kernelementen van zelfsturing (volgens prof. Laevers en collega’s, 2004) erop leggen:

  • Kiezen: geleidelijk aan groeit bij de kleuter een duidelijker beeld van het spel dat hij wil spelen. Wat aanvankelijk nog toevallig ontstaat, wordt dus steeds meer een doelbewust zelfgekozen spel.
  • Scenario: Aanvankelijk is er nog weinig sprake van planmatigheid: wat gebeurt, dat gebeurt. Het script of de verhaallijn krijgt vervolgens meer aandacht: de kleuter kijkt bij anderen, roept eigen ervaringen op of herinnert zich stukjes uit een verhaal, dat hij gaat naspelen. Er komen steeds meer ‘stappen’ die op elkaar gaan volgen, het spel wordt complexer. Vooral het openstaan voor ideeën van andere kinderen, betekent een hele impuls in het verder bedenken en uitvoeren van steeds uitgebreidere plannen.
  • Afstand nemen: nadenken over het spel is aanvankelijk nog beperkt. De kleuter ‘handelt gewoon’. Afstand nemen gebeurt dan ook eerder achteraf, terugblikkend. Er is een groei naar ook meer kunnen vooruitblikken. De openheid en flexibiliteit om ook andere ideeën mee te nemen en je eigen plan hierop bij te sturen, groeit mee.
  • Wil en doorzetting: de korte, eenvoudige handelingen, vragen nog weinig doorzetting en handelingen wisselen elkaar dan ook snel af. Naarmate het spel rijker wordt, zien we dat de rol en de bijhorende regels een stimulans is om langer in het spel te blijven. Vooral ook in de samenwerking met anderen zit weer een hele grote uitdaging (en oefening!) om niet op te geven als anderen niet meedoen wat jij wil. Via het spel wordt de kleuter uitgedaagd om vol te houden in te zoeken naar oplossingen.

Groei in rollenspel én zelfsturing: nood aan ondersteuning

Laten we nu deze inzichten over groei in rollenspel en de kansen voor zelfsturing, meenemen naar de inlevende observatie van Delano. We kunnen hieruit stellen dat hij in het begin van fase 2 zit: hij heeft nog heel weinig plan, maar richt zich vooral op het zeer aantrekkelijke, maar nog vage idee van ‘Sint spelen’. Omdat zijn zelfsturing nog eerder aan de lage kant is, valt zijn betrokkenheid ook steeds weer stil. Hij heeft nog veel ondersteuning nodig om dit idee, deze rol effectief vorm en inhoud te geven in een eenvoudige scenario: wat doet de Sint eigenlijk? De vele kleren die hij dacht nodig te hebben, maken het voor hem niet makkelijker (= invloed van leeromgeving, die voor kinderen met zwakkere zelfsturing soms overprikkelend is). Gelukkig is de juf in de buurt om hem hierdoor heen te loodsen. De verhalen die er in de klas verteld worden over de Sint, kan hij nog moeilijk oproepen en meenemen in zijn spel… Misschien heeft hij meer tijd en herhaling nodig om het zich echt eigen te maken? Als hij andere kleuters iets ziet doen, pikt hij dit wel op. Hij gaat het imiteren, een eenvoudige handeling, ‘naast elkaar’, waar hij voor korte tijd betrokken bij is. Nadien heeft hij opnieuw de juf nodig. Deze juf gaat niet voor hem invullen wat hij moet doen door hem bijvoorbeeld direct een opdrachtje te geven. Wel nodigt ze hem uit om zelfgestuurd afstand te nemen en na te denken: wat wil ik eigenlijk? De visuele ondersteuning van een boek kan hem weer verder helpen…

Stuur-je-spel!

In het praktijkgericht wetenschappelijk onderzoek ’Stuur-je-spel’ (UC Leuven-Limburg, 2016-2019) maken en bespreken we samen met leerkrachten en studenten heel wat videobeelden van kleuters in (rollen-) spel vanuit de vraag: hoe kunnen we de zelfsturing van kleuters ‘in hun spel’ stimuleren?  We stelden vast dat kleuters heel vaak rollenspel spelen (niet enkel in de poppenhoek!). Toch kwamen er heel wat vragen over de kwaliteit en de ondersteuning. Graag geven we kort enkele eerste inzichten en reflecties mee:

  • Als kleuters eigenlijk zoveel bezig zijn met rollenspel en dit zo belangrijk is, geven we dan als leerkrachten wel voldoende tijd en aandacht aan (de begeleiding van) rollenspel in de klas?
  • Leerkrachten geven vaak bewust aandacht aan de start van het spel (kiezen en scenario’s bedenken) en de zelfredzaamheid van kleuter in het spel. Echter inschatten en opvolgen hoe het spel verder verloopt (scenario’s uitvoeren, flexibiliteit, doorzetten, afstemmen op anderen), schiet er vaak aan over. Ook het terugblikken krijgt nog te weinig tijd en aandacht.
  • Als we tijd nemen om mee te spelen, sluiten we dan wel voldoende aan bij de noden die kleuters hebben in de verschillende fasen van rollenspel? Richten we door zelf rollen en scenario’s aan te dragen, ons niet te snel op die laatste fase? Kan het zijn dat kleuters ook daarom eerder afhankelijk worden van onze begeleiding, in plaats van zelfgestuurd met elkaar te spelen?
  • De impact van de leeromgeving is van groot belang: een duidelijke inrichting van de klas, goed gedoseerde opvulling van de hoeken zodat gevarieerd spel mogelijk is, de algemene organisatie en de sfeer tussen de kleuters. Soms is de uitdaging vooral om de poppenhoek eerst eens samen op te ruimen.

Hoe is dit in jullie praktijk? Herkennen jullie deze inzichten en reflecties? Laat het ons weten!

 

Gastbloggers: Ilse Aerden, Tinne Van Camp en Caroline Vancraeyveldt – lectoren en praktijkonderzoekers van de lerarenopleiding UC Leuven-Limburg.

 

Referenties

Van Camp, T., Aerden, I. & Vancraeyveldt, C. (2016-2019). Stuur-je-spel: zelfsturing in rollenspel stimuleren in de kleuterklas. Praktijkgericht wetenschappelijk onderzoek. UC Leuven-Limburg: Lerarenopleiding. https://www.ucll.be/onderzoek/call-research/goedgekeurde-pwo-projecten/goedgekeurde-pwo%E2%80%99s-2016

Laevers, F., Bertrands, E., Declercq, B., & Daems, M. (2004). Ondernemingszin (h)erkennen. Instrumenten voor de screening van kleuters en de observatie van de speel- en leeromgeving. Leuven: Centrum voor Ervaringsgericht Onderwijs.

Leong, D.J. & Bodrova, E. (2012). ‘Assessing and scaffolding Make-Believe Play’. In: Young Children, January 2012, pp. 28-34.

Het verhaal van Delano komt uit het ‘individueel werkplan’ van Aline Meylemans, studente in de Banaba ‘Zorg en Remediërend Leren’ aan de UCLL in Hasselt.

2 gedachtes over “Rollenspel: Het summum van spel in onze kleuterklassen?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s